16 reacties

De document hypothese

En we gaan weer verder onze serie over de wetenschappelijke visie op de bijbel. Vandaag gaan we naar het oude testament, en wel naar de eerste vijf boeken, ook wel de Pentateuch of Thora genoemd. Eeuwenlang heeft men gedacht dat deze door Mozes zelf zijn geschreven. (Alleen het laatste stukje over de dood van Mozes zou eventueel door Jozua zijn toegevoegd, alhoewel Mozes een profeet was en dat dus ook best zelf geschreven zou kunnen hebben.) Pas tegen de tijd van de verlichting begonnen sommigen hier serieus aan te twijfelen. Eind 19e eeuw kwam de Duitse theoloog Julius Wellhausen met wat nu de document hypothese heet. Volgens deze hypothese is de Pentateuch samengesteld uit 4 oorspronkelijke bronnen. Deze hypothese is nog steeds algemeen aanvaard, al is dat niet meer zo unaniem als een paar decennia geleden.

Waarom überhaupt meerdere bronnen?

De hele Pentateuch, maar Genesis in het bijzonder, heeft een nogal episodisch karakter, het bestaat uit losse verhaaltjes, die samen wel een groter doorlopend verhaal vertellen, maar het blijven losse verhalen, waarvan je er zo een aantal weg zou kunnen laten zonder dat het grote verhaal wordt aangetast. Voor de duidelijkheid: dat betekent op zichzelf nog niets. Maar er zijn een aantal opmerkelijke dingen:

  • in Genesis wordt in sommige verhalen god alleen maar aangeduid met JHWH, terwijl in andere verhalen juist alleen maar Elohim wordt gebruikt (zie ook deze eerdere post);
  • sommige verhalen staan in twee verschillende versies in Genesis, het belangrijkste voorbeeld is de twee scheppingsverhalen in Genesis 1 en Genesis 2;
  • er staan nogal wat tegenstrijdigheden in de Pentateuch, bijvoorbeeld de naam van Mozes’ schoonvader, Jetro of Reuël; de naam van de berg waar het volk Israël de wet ontving, Sinaï of Horeb; of de mens als laatste of juist als eerste is geschapen; ook geven Numeri 21 en Numeri 33 een andere route door de woestijn.

Deze feiten zou je niet verwachten als de hele Pentateuch zou zijn geschreven door één persoon. Maar als het een samenstelling is vanuit meerdere bronnen, zou dat deze feiten heel goed kunnen verklaren. Nu moeten we dus iets dieper gaan kijken naar wat de bronnen zijn.

J en E

Het makkelijkst is om Genesis te pakken en verhalen te scheiden op basis van de naam van god, JHWH of Elohim. Als je dit doet blijken er twee parallelle doorlopende verhalen te ontstaan. Al is het wel zo dat de JHWH-bron completer is en de Elohim episodes wat fragmentarischer van karakter zijn. Deze splitsing blijkt veel van de opgemerkte verschillen te kunnen verklaren. Het scheppingsverhaal van Genesis 1 gebruikt Elohim, terwijl Genesis 2 (en 3) JHWH gebruiken. Ook blijken de afzonderlijke bronnen consistent te zijn, terwijl de tegenstrijdigheden juist ontstaan door de JHWH-verhalen en de Elohim-verhalen naast elkaar te zetten. Het lijkt dus logisch om aan te nemen dat dit oorspronkelijk twee losse bronnen waren die later zijn samengevoegd. Deze (hypothetische) bronnen worden J en E genoemd.

Als je de verhalen op deze manier gescheiden hebt, blijken er nog meer verschillen te zijn. J-verhalen spelen meestal in het zuiden van het land (voorbeeld), terwijl E-verhalen zich meer in het noorden afspelen (voorbeeld). Dit wijst er op dat J waarschijnlijk uit het koninkrijk Juda afkomstig was, terwijl E uit het koninkrijk Israël afkomstig was. Daarnaast zijn er ook thematische verschillen, in E-verhalen komen vaak profeten, dromen en engelen voor, terwijl we die in J-verhalen bijna niet tegenkomen.

P

Vanaf Exodus wordt het iets lastiger om J van E te onderscheiden, omdat de E-verhalen vanaf Exodus 3 ook JHWH gaan gebruiken voor god, namelijk vanaf het moment dat god die naam vertelt aan Mozes. (Volgens J was de naam JHWH al veel langer bekend). Bovendien komen er delen die niet bij J en E lijken te passen. In Leviticus komen bijvoorbeeld heel veel wetten en regeltjes aan de orde. Dit lijkt helemaal niet op J en E die allebei verhalend zijn.  Deze gedeelten worden toegeschreven aan een derde bron die P wordt genoemd, omdat met denkt dat die bij de priester vandaan kwam. Een aanwijzing daarvoor is dat Aäron in de P-verhalen een belangrijke rol speelt (voorbeeld).

Naast veel van de regeltjes uit Exodus, Leviticus en Numeri, bleken ook een aantal verhalen uit Genesis meer bij P dan bij E te passen. Genesis 1 bijvoorbeeld legt nadruk op de Sabbath, de dag dat god rustte van zijn scheppingswerk. Dit lijkt meer te passen bij P dan bij E. Ook veel van de geslachtsregisters in het begin van Genesis worden aan P toegeschreven, alhoewel er ook een aantal in J thuishoren.

D

Dan zijn we er bijna, alleen Deuteronomium lijkt niet in J, E of P te passen. Volgens Deuteronomium zelf bevat het boek 3 toespraken van Mozes, die hij hield toen het volk aan de rand van het land Kanaän stond. In deze toespraken herinnert Mozes het volk nogmaals aan de wet die ze van god gekregen hebben. Het bevat dus veel herhaling van wetten uit eerdere boeken (Deuteronomium betekent dan ook letterlijk “tweede wet”).

Maar toch hebben de wetten in Deuteronomium als geheel een ander karakter dan dan de wetten in Exodus, Leviticus en Numeri. Er ligt veel meer nadruk op de tempel (die dan in principe nog niet gebouwd is!) en daarnaast is Deuteronomium veel strenger tegen het dienen van andere goden. Nog een belangrijke eigenschap is dat er altijd wordt verwezen naar de “Levitische Priesters”, terwijl Leviticus het juist heeft over “Aäronitische priesters”. Dit alles bij elkaar heeft ertoe geleid dat voor Deuteronomium een aparte bron wordt aangenomen die D wordt genoemd. Het einde met de dood van Mozes wordt trouwens aan P toegeschreven.

Waarom is dit interessant?

Er valt nog veel meer te vertellen, maar ik stop nu even met de beschrijving. Het idee mag duidelijk zijn, de Pentateuch is niet door één auteur geschreven (Mozes), maar bestaat uit 4 bronnen. Deze bronnen worden aangeduid met J, E, P en D. Wat misschien nog wel belangrijker is dan het precieze uitsplitsen en beschrijven van de bronnen is de vraag: waarom is dit interessant? Ik heb meerdere theologen gesproken die dit allemaal weten, maar het totaal niet interessant vinden. Dat snap ik niet, volgens mij is deze kennis essentieel om de Pentateuch te begrijpen en dus belangrijk voor iedereen die belang hecht aan deze verhalen. Ik zal drie dingen noemen.

Ten eerste verklaart de document hypothese al die rare dingen in de boeken als de herhalingen en de tegenstrijdigheden. Hier hebben we het al aardig uitgebreid over gehad.

Ten tweede is het belangrijk om te weten dat de verhalen pas eeuwen nadat ze zich hebben afgespeeld zijn opgeschreven. Dit verklaart het legendarisch karakter van veel verhalen, (en geeft dus ook (gedeeltelijk) antwoord op de vraag waarom god vroeger zoveel wonderen deed en nu niet meer). J en E komen waarschijnlijk uit de tijd van de twee gescheiden koninkrijken, D is van na de ballingschap van Israël, maar nog van voor de val van Jeruzalem, en P komt waarschijnlijk van na de ballingschap. Veel wetenschapper nemen dan ook aan dat de offerwetten in P de situatie van de tweede tempel beschrijven in plaats van die van de eerste tempel.

Ten derde blijkt uit de bronnensplitsing dat de schrijvers niet (alleen) aan historiebeschrijving deden, maar ook politiek bedreven. Zo wordt heel erg de nadruk gelegd op Juda en het zuiden van het land in de J-bron, terwijl de E-bron juist het noorden van het land ophemelt. Volgens de P-bron heeft god zelf de Aäronitische priesters aangesteld, terwijl D het juist over Levitische priesters heeft. De schrijvers van iedere bron lijken dus bezig met hun eigen autoriteit vaststellen als van god gegeven.

Deze drie punten zul je niet snel door een dominee in de kerk horen vertellen. Zeker het onderuithalen van de historische betrouwbaarheid lijkt een soort no-go te zijn. Maar toch is dit volgens mij ook voor christenen relevant, omdat de Pentateuch onbegrijpelijk blijft als je geen rekening houdt met de verschillende bronnen.

Advertenties

16 reacties op “De document hypothese

  1. Hoi bram,

    waarom komen mensen naar de kerk? Over het algemeen komen ze om troost, bemoediging, saamhorigheid te ervaren. Een aanraking van God. Kracht om verder te kunnen in het leven.
    Waarom gaan mensen theologie studeren? Om de bijbel beter te begrijpen, om van de hoed en de rand te weten.
    De bronnenhypothese hoort bij de collegestof. Ik heb namelijk nog geen student gesproken die getroost werd door de bronnenhypothese :-).

    Je verwijt predikanten dat ze geen collegestof geven in de kerkdienst. Dan verwijt je predikanten dus eigenlijk dat ze het doel van de kerkdienst te goed voor ogen houden. De kerk is hier overigens niet oneerlijk in: op de kerkelijke opleiding wordt gewoon de bronnenhypothese onderwezen. Waarom wordt er tegenwoordig trouwens zo aan getwijfeld? Dat zou ik wel interessant vinden om te lezen.

    Waar het spannend wordt is dat deze vijf boeken bij uitstek als openbaring van God worden gezien (sluit direct aan bij je vorige post). Jezus was niet dom. Mensen stonden versteld over Zijn inzicht en gezag. Hij had vast wel door dat de pentateuch bestond uit samengevoegde verslagen die soms moeilijk te harmonieren zijn. Toch ging Hij ervan uit dat Zijn Vader dezelfde God was als die in de pentateuch naar voren kwam. Zou dat waar zijn?

    Hadden we maar een boek dat uit de hemel was gevallen, een hemels BINASboek waar geen fout in te ontdekken viel. Een orakel, een standaardnorm. Moslims hebben het maar gemakkelijk qua schriftvisie.
    Maar wij hebben dus een God die zichzelf openbaart in het gebrekkige. In een Mens die veracht werd, wiens aanblik ons niet kon bekoren. In een boek dat soms wel samengevoegd lijkt uit allerlei politiek getinte teksten, opgesteld om het eigen gelijk te bevestigen. Daardoorheen straalt de kennis over God ons tegemoed.
    Misschien dat Paulus hier wel over nadacht toen hij het had over een schat in aarden vaten. God vertrouwt ons gebrekkige mensen Zijn heerlijkheid toe. God vertrouwt dat gebrekkige boek Zijn openbaring toe.
    Wat zegt dat over hoe God is? Hij laat zich niet afschrikken door het onvolmaakte. Hij laat zich niet afschrikken door twijfels, vragen, zonden. Integendeel. Het lijkt wel alsof Hij ervoor kiest juist daar Zijn heil te laten zien.

    Dat bemoedigt me wel eigenlijk. Hm. Zou ik dan toch maar eens gaan preken over de bronnenhypothese?

  2. Hee jw,

    Dank voor al deze dingen. Ik heb een aantal punten voor je terug.

    1. Jij vindt de bronnensplitsing collegestof die niet in een kerkdienst thuishoort. Volgens mij zijn dit twee uitersten waar best een compromis tussen bestaat.
    Denk bijvoorbeeld aan de talen Grieks en Hebreeuws, ook collegestof. Toch blijven dominees in preken de talen uitleggen. Ik kan de keren dat ik heb gehoord over het verschil tussen eros en agape niet meer tellen. Is dat geen collegestof?
    Op diezelfde manier kan bronnensplitsing volgens mij ook gebruikt worden. Niet om een gemeente een hele preek mee door te zagen (ik zou waarschijnlijk de enige zijn die dat interessant vind), maar het kan heel goed gebruikt worden om eerst even een iets over de context en ontstaansgeschiedenis van een tekst te vertellen.

    2. Je zegt dat Jezus vast ook wist van de verschillende bronnen. Dat optimisme deel ik niet met je. Hij verwijst niet voor niets naar Mozes als hij de pentateuch bedoelt (dit is voor vele christenen zelfs hét argument dat Mozes echt de auteur was). Duizenden jaren zijn er massa’s slimme mensen geweest die gewoon dachten dat Mozes de schrijver was. Jij en ik ben niet zozeer slimmer dan al die mensen, als wel dat ik het gewoon van anderen heb kunnen leren. Net zoals Newton op de schouders van reuzen stond.

    jw :
    Maar wij hebben dus een God die zichzelf openbaart in het gebrekkige.

    We moeten het toch nog maar eens hebben over openbaring. Op het moment dat zo ontzettend veel mensenwerk herkent in de tekst, is er dan nog wel ruimte over voor een godsopenbaring? Twijfel je daar nooit aan?

    Wat is jouw criterium voor wat wel en niet openbaring is? Het zit hem in ieder geval dus niet in de historische betrouwbaarheid van de tekst.

  3. Wat dat laatste betreft: nee, inderdaad. Lees Dei Verbum eens. De Bijbel is er voor ‘zaken van geloof en moraal’.

    Therefore, since everything asserted by the inspired authors or sacred writers must be held to be asserted by the Holy Spirit, it follows that the books of Scripture must be acknowledged as teaching solidly, faithfully and without error that truth which God wanted put into sacred writings (5) for the sake of salvation. Therefore “all Scripture is divinely inspired and has its use for teaching the truth and refuting error, for reformation of manners and discipline in right living, so that the man who belongs to God may be efficient and equipped for good work of every kind” (2 Tim. 3:16-17, Greek text).

    Hoe je een openbaring test, dat is een hele andere vraag. Lees de relevante hoofdstukken uit Swinburne’s Revelation of, als je wat dieper op de stof wilt duiken, An Essay on the Development of Christian Doctrine van John Henry Newman.

  4. Hallo Joost,

    Even een korte reactie. Als er in Timoteus staat dat: “all Scripture is divinely inspired and has its use for teaching the truth…”

    Dan is die waarheid dus geen historische waarheid. En ik denk dat je al een aardige discussie op kan zetten over de vraag of er überhaupt een ander soort waarheid bestaat.

    Of in ieder geval of je die andere “waarheid” (de niet-historische soort) wel waarheid kan noemen of dat je daar maar een andere term voor moet verzinnen.

  5. Bram,

    Gelukkig strijdt je dapper verder!
    Enige kennis over de bronnensplitsing in de pentateuch is inderdaad onmisbaar voor de bijbellezer. De NBV biedt dit tegenwoordig al summier ter inleiding aan. Ik ben benieuwd welke theologen dit schouderophalend naast zich neer leggen. JW en Quinten sr. horen daar i.i.g. niet bij. Als een opmerking hierover in de preek nodig is om een tekst uit te leggen dan doe ik dat met graagte.

    Dat historische betrouwbaarheid geen relevant criterium is voor de betekenis van de pentateuch geldt m.i. voor praktisch ieder bijbels verhaal. De drie conclusies die je trekt vind ik dan ook niet verontrustend. Misschien heeft de toegenomen kennis over de totstandkoming van de pentateuch geen andere betekenis dan dat wat het is: toegenomen kennis. En ik ontleen daar meestal vreugde aan (misschien zou jij dat wel ‘troost’ noemen, JW): zowel in het beter begrijpen van een tekst, als in het doorzien van de agenda van de auteur / corrector / redacteur.

    Afhankelijk van de tekst in kwestie volgt er dan een a-ha, een schamper lachje, gemopper, een eureka of een instemmende knik. Het beïnvloedt de keuze om wel of niet in de bijbel te lezen verder niet echt. Evenmin vergroot of verminderd het de kans dat ik mij (voel? weet? denk?) aangesproken (te worden) door iets wat er staat.

  6. Q.

    Eigenlijk kan ik me helemaal vinden in jouw commentaar, en denk ik ook te moeten concluderen dat jij kan vinden in mijn verhaal.

    Maar nog even ter verduidelijking 2 punten:
    1. Zonder namen te willen noemen, zijn de theologen die ik bedoelde ook meer een generatie ouder dan jw en jij. En ondanks jou verdediging zou ik jw toch neerzetten als theoloog die in ieder geval niets doet met zijn kennis over het bovenstaande, alhoewel daar in de nabije toekomst dus verandering in kan komen;-)

    Maar om het punt duidelijk te maken. Ik heb in 25 jaar elke week 1 à 2 keer naar de kerk gaan nog nooit een dominee iets horen vertellen over de bronnensplitsing.

    2. Historische betrouwbaarheid is inderdaad geen “criterium voor de betekenis van de pentateuch”. Maar mijn vraag ging over een criterium voor goddelijke openbaring. Natuurlijk kan een (deels?) fictieve tekst ook betekenis hebben. Maar een tekst hoeft niet door god geopenbaard te zijn om betekenis te hebben. Ofwel, ik zie geen reden om dit als een meer-dan-menselijke tekst te zien, maar dat betekent nog niet dat het ook betekenisloos wordt.

    Quinten sr. :
    Afhankelijk van de tekst in kwestie volgt er dan een a-ha, een schamper lachje, gemopper, een eureka of een instemmende knik. Het beïnvloedt de keuze om wel of niet in de bijbel te lezen verder niet echt. Evenmin vergroot of verminderd het de kans dat ik mij (voel? weet? denk?) aangesproken (te worden) door iets wat er staat.

    Hier kan ik niet meer dan mee instemmen, en christenen die homoseksualiteit afkeuren (mede) op basis van Leviticus 18:22 kunnen er nog veel van leren.

  7. […] niet altijd zo geweest. Zelfs als je gelooft dat Mozes de hele Pentateuch heeft geschreven (wat je beter niet kunt doen), betekent dat alsnog dat er voor de tijd van Mozes geen enkel bijbelboek […]

  8. […] scheppingsverhaal van Genesis 2-3 (Genesis 1 is een los verhaal dat er later voor geplakt is, zie hier) kan worden gelezen als een metafoor voor het opgroeien. Een baby is eerst het middelpunt van de […]

  9. […] redactie ondergaan tot het uiteindelijke product dat we nu nog kennen. De parallellen met de document hypothese mogen duidelijk […]

  10. […] heb het eerder gehad over de document hypothese, die stelt dat de “5 boeken van Mozes” niet door Mozes […]

  11. […] dus over de bronnensplitsing van de pentateuch, de eerste vijf boeken van de bijbel. Ik heb daar eerder wat over geschreven, het idee is dat deze vijf boeken zijn samengesteld uit vier onderliggende […]

  12. Hey Bram!

    Ik zie je dit stuk al in 2010 hebt geplaatst, dus wat dat betreft is dit een hele late reactie. Maar op de een of andere manier kwam ik via GG op dit blog terecht en bovenstaand verhaal had ik nog nooit van gehoord; is inderdaad ook nog nooit in een preek (40 jaar en twee keer per zondag) of catechisatieles aan de orde gekomen. Maar ik vind het heel interessant om te lezen! Voor mij persoonlijk haalt dit de betrouwbaarheid van de bijbel niet onderuit, het verklaart eerder veel meer (zoals je zelf al hierboven omschrijft).
    Mijn vraag is eigenlijk of jij weet of al die J, E, P en D bronnen ook ergens los van elkaar op schrift zijn gesteld? (Dus bijvoorbeeld met alleen alle J-bronnen bij elkaar, of alleen alle E-bronnen)? Ik zou ze namelijk best eens apart van elkaar willen lezen…

    groet,
    Rien

  13. Ha Rinus,

    De vier bronnen zijn nooit los van elkaar op schrift teruggevonden. Ze zijn alleen op basis van de canonieke tekst die wij hebben enigszins te reconstrueren. Is dus ook allemaal enigszins hypothetisch, in grote lijnen zijn de meeste experts het wel met elkaar eens, maar op andere punten blijft er discussie over de precieze verdeling. Als je ze los van elkaar zou willen lezen, dan is dit boek waarschijnlijk de beste optie: http://www.amazon.com/Sources-Revealed-Richard-Elliott-Friedman/dp/006073065X

    In dit boek krijgen de vier bronnen allemaal een eigen kleur waardoor je ze los van elkaar kan lezen.

    Persoonlijk vond ik het boek van Joël Baden over de document hypothese ook fascinerend, maar hij geeft helaas geen complete uitsplitsing: https://bramvandijk.wordpress.com/2013/07/03/joel-s-baden-the-composition-of-the-pentateuch/

  14. Bedankt voor de tip! Je artikel over Joël Baden heb ik ook gelezen.
    Ik ben overigens niet zo wetenschappelijk onderlegd en al helemaal geen native speaker w.b. de engelse taal, dus dat is waarschijnlijk te hoog gegrepen voor mij… 😉

    Je artikel over Jezus en Johannes de Doper vind ik ook erg interessant. Vooral het gegeven dat Johannes niet noemt dat Jezus gedoopt werd. Heb internet nog even rondgespeurd, maar kon daar verder niet echt veel over vinden. Het verbaast me eigenlijk dat (bijna) nergens over de ‘niet-doop’ van Jezus gesproken wordt. Ook daar heb ik nog nooit een preek over gehoord ofzo. Toch jammer… 😦

  15. Ha Rien,

    Bij mijn weten zijn er geen Nederlandstalige boeken over deze materie. Al geef ik gelijk toe dat ik als niet-theoloog lang niet overal van op de hoogte ben.

    Je punt dat dit soort zaken in preken nogal genegeerd wordt deel ik. Het wekt in ieder geval de indruk dat de kerk ofwel wat te verbergen heeft, ofwel deze resultaten en inzichten verwerpt. Maar zelfs als het het tweede is, dan zou ik er voor pleiten om dat openlijk te doen met de argumenten erbij.

    Aan de andere kant zeggen dominees dan weer dat het ze ofwel niet interesseert, ofwel dat het meer iets is voor een bijbelstudie en ze er voor een preek niets mee kunnen ofwel dat het alleen voor een selecte groep interessant is en niet voor de hele gemeente. Ik kan daar misschien ergens nog wel in meegaan, preken gaan (in ieder geval in de reformatorische traditie) meer over één specifiek vers en wat we daar nu nog mee kunnen, minder over de grote lijnen en hoe dat vers historisch bedoeld was.

    Maar toch…

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: