Een reactie plaatsen

Goddelijke inspiratie

Van Quinten sr. kreeg ik het artikel “Hoe de bijbelse filologie zich (niet) losmaakte van de theologie” van Johannes Magliano-Tromp. Dit artikel schetst voor een deel het historische kader van de openbaringsgedachte. Daarin maakt hij een aantal punten waar ik mij goed in kan vinden.

Filologen vs. Theologen vs. Historici

De bijbelwetenschappers zijn in drie groepen in te delen. De filologen zijn meer de taalkundigen. Denk hierbij bijvoorbeeld aan Ellen van Wolde die recent in het nieuws kwam omdat volgens haar het Hebreeuws van Genesis 1 betekent dat god hemel en aarde scheidde en niet hemel en aarde schiep.

Theologen zijn meer bezig met het actualiseren en systematiseren van bijbelse inzichten. Het destilleren van dogma’s uit de tekst. Hierbij maken de theologen dus gebruik van het werk van de filologen, maar filologen gaan voorbij aan de theologie, omdat ze zich alleen met de tekst bezighouden.

Pas later, na de verlichting, kwam er een historische benadering van de bijbel. Historici kijken naar de bijbel als naar ieder andere historische bron en proberen te achterhalen wat er nu daadwerkelijk is gebeurd in het verleden.

Al snel bleek deze historische benadering van de bijbel theologisch problemen op te leveren:

Als ontdekt wordt dat een bepaalde bijbeltekst op filologische gronden niet langer kan dienen ter ondersteuning van een dogmatische uitspraak, dan is er altijd wel een andere tekst te vinden die het gewenste resultaat alsnog kan leveren. Maar als gesteld wordt dat de geschiedenis die de bijbelse geschriften vertellen niet kan kloppen, dan is het theologische probleem veel groter. Karakteristiek voor het traditionele christendom is immers dat het geen mythologie kent, maar zich baseert op een relaas van gebeurtenissen die het als historisch, als “echt gebeurd” beschouwt. De christelijke heilsleer hangt af historische feiten zoals de incarnatie van Gods Zoon en diens overwinning op de dood. Wanneer de historiciteit en feitelijkheid van zulke zaken aangevochten worden, kan de traditionele theoloog niet eenvoudig andere feiten aanwijzen en eenzelfde heilsleer vervolgens daarop bouwen.

Oplossingen en verdere problemen

Er werden door theologen natuurlijk oplossingen gevonden:

  • de fouten komen door het overschrijven van de manuscripten;
  • auteurs zelf maakten fouten;
  • de accomodatietheorie, ofwel, bijbelse geschriften zijn aangepast aan de het menselijk bevattingsvermogen, en bevatten daarom soms dingen die niet helemaal waar zijn, zo kan god natuurlijk nooit spijt hebben gehad, ook al staat dat nog in de bijbel;
  • bijbelauteurs berichten over gebeurtenissen die zij uit mondelinge overlevering kenden, dus als ze berichten over wonderen die nooit gebeurd zijn is dat niet uit bedrog, maar omdat zij het verhaal zelf zo gehoord hadden.

Zeker het laatste punt ben ik het helemaal mee eens, maar door daarmee in te stemmen ontstaan er wel weer andere problemen:

De prijs was een andere: aan de menselijke factor werd een zo grote plaats toegekend, dat het bijzondere karakter van de bijbel als openbaringsliteratuur teloor ging. Wat verloren ging was de vooral in de protestantse theologie gekoesterde absolute betrouwbaarheid van de bijbelse geschiedschrijving.

Als de bijbel zoveel menselijke factoren bevat, op welke basis kun je dan nog geloven dat de bijbelse wonderen echt gebeurd zijn en de wonderen uit ander religies niet?

De god van de geschiedenis

En ook op dit vraagstuk hebben sommige theologen een antwoord gevonden, bijvoorbeeld door Gerrit Wildeboer:

Voor hem was de geschiedenis belangrijk, omdat God zich naar zijn overtuiging in de geschiedenis bekend had gemaakt. Daarom was hij in zekere zin blij met de historische benadering van de bijbel, omdat die hem de geschiedenis beter deed kennen. Merk op hoe hier het openbaringsbegrip verschuift van de bijbelse geschiedschrijving als openbaring naar de bijbelse literatuur als getuigenis van een openbaring in de geschiedenis. Wildeboer accepteert de methoden en resultaten van de historisch-kritische benadering van de bijbel, maar ziet daarin geen overwegend probleem voor het openbaringsbegrip, zij het enigszins gemodificeerd.

Mijn mening

Hier eindigt het artikel van Magliano-Tromp. Volgens mij schetst dit verhaal een haarscherp de problemen met het begrip goddelijke inspiratie van de bijbel. Zowel waar de problemen liggen als hoe zo’n dogma in het verleden is aangepast aan de hand van wetenschappelijke ontdekkingen.

Maar wat ik vooral interessant vond is dat het mij heeft geleerd waarom ik zo gefascineerd ben geraakt door het historisch-kritische verhaal: ook ik geloof(de) niet in de god van de bijbel, maar in de god van de geschiedenis. Anders kun je net zo goed in superman geloven, dat zijn ook mooie verhalen die niet echt zijn gebeurd. Daarom is het zo belangrijk dat dingen als de zondeval, maagdelijke geboorte, opstanding van Jezus enz. echt gebeurd zijn, of in ieder geval gebaseerd zijn op historische gebeurtenissen.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: